Naar inhoud
hulpbijai
Alle artikelen
ClaudeAuteur: Bouwmeester Consultancy

Claude Code 2.1.220 en 2.1.219: wat is nieuw? (2026)

Lees wat Claude Code 2.1.220 en 2.1.219 werkelijk veranderen en controleer stap voor stap je versie, model, sandbox en workflowinstellingen.

Claude Code 2.1.220 is op 25 juli 2026 uitgebracht en bevat volgens Anthropic bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen, zonder verdere details. De grote inhoudelijke update is versie 2.1.219 van 24 juli, met Claude Opus 5, een strikte netwerkallowlist, nieuwe instellingen voor dynamic workflows en uitgebreidere ondersteuning voor geneste subagents.

In het kort

  • Claude Code 2.1.220 is op 30 juli 2026 de nieuwste versie in de officiële changelog.
  • Anthropic beschrijft 2.1.220 alleen als een release met bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen.
  • Versie 2.1.219 bevat de concrete nieuwe functies uit deze updatecyclus.
  • Claude Opus 5 werkt in Claude Code vanaf versie 2.1.219.
  • De nieuwe strict allowlist kan onbekende netwerkhosts voor gesandboxte commando's direct weigeren.
  • Dynamic workflows gebruiken vanaf 2.1.219 standaard de richtlijn medium.
  • Subagents kunnen vanaf 2.1.219 standaard andere subagents starten tot diepte 3.

Wil je Claude Code nog installeren of eerst de basis leren? Begin dan bij de complete Claude Code-handleiding. Deze pagina richt zich uitsluitend op de veranderingen in versies 2.1.220 en 2.1.219.

Wat is er werkelijk nieuw?

Versie 2.1.220 verscheen op 25 juli 2026. Anthropic vermeldt voor deze release alleen bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. De changelog noemt geen onderdelen, foutscenario's of platforms die specifiek zijn aangepast. Het is daarom niet verantwoord om concrete oplossingen aan deze versie toe te schrijven.

De inhoudelijke release is versie 2.1.219 van 24 juli 2026. De veranderingen vallen in vier groepen:

  • Modelkeuze: Claude Opus 5 werd toegevoegd en werd de nieuwe standaard binnen de Opus-modelfamilie.
  • Beveiliging: sandbox.network.strictAllowlist kan netwerkverkeer naar niet-toegestane hosts voor gesandboxte commando's weigeren zonder eerst toestemming te vragen.
  • Workflows en subagents: de workflowgrootte is instelbaar en de standaardrichtlijn werd medium; geneste subagents zijn standaard toegestaan tot diepte 3.
  • Automatisering en diagnose: hooks, MCP-foutmeldingen, stream-json en niet-interactieve uitvoer kregen gerichte verbeteringen.

De changelog bevat daarnaast verschillende oplossingen voor terminalgedrag, Remote Control, schermlezers, Windows en de modelkiezer. Controleer de officiële changelog als je juist een van die specifieke omgevingen gebruikt.

Stappenplan: je installatie controleren en de update veilig gebruiken

Stap 1: controleer je huidige versie

Open een terminal en voer uit:

claude --version

Het antwoord bevat je geïnstalleerde versienummer. Gebruik je een versie ouder dan 2.1.219, dan zijn Claude Opus 5 en de nieuwe strict allowlist nog niet beschikbaar. Gebruik je 2.1.219, dan heb je de inhoudelijke functies al, maar nog niet de algemene verbeteringen uit 2.1.220.

Stap 2: bepaal hoe Claude Code is geïnstalleerd

Een native installatie controleert zelf op updates en kan direct worden bijgewerkt met:

claude update

Een installatie via Homebrew, WinGet, apt, dnf of apk wordt standaard via die pakketbeheerder bijgewerkt. Gebruik het updatecommando van je eigen pakketbeheerder en controleer daarna opnieuw de versie. Een pakketbeheerder kan een nieuwe release iets later aanbieden dan het latest-kanaal van de native installatie.

Stap 3: herstart en controleer opnieuw

Sluit actieve Claude Code-sessies nadat de update is geïnstalleerd. Start daarna een nieuwe terminalsessie en voer opnieuw claude --version uit. Zo voorkom je dat je nieuwe instellingen beoordeelt in een proces dat nog op de vorige versie draait.

Gebruik je bewust het stable-kanaal, dan kan je versie achterlopen op de nieuwste changelogrelease. Anthropic beschrijft stable als een kanaal dat doorgaans ongeveer een week achterloopt om releases met grote regressies over te slaan. Dat is geen fout in je installatie.

Stap 4: controleer het actieve model

Start Claude Code en open:

/model

Versie 2.1.219 voegt Claude Opus 5 toe als de nieuwe standaard binnen de Opus-modelfamilie. Dat betekent niet dat iedere gebruiker automatisch op Opus 5 start. Je accounttype, API-provider, organisatiebeleid en een eerder opgeslagen modelkeuze kunnen bepalen welk model werkelijk actief is.

Kies daarom niet op basis van de releasenaam alleen. Controleer de modelkiezer en lees in de Claude Code-handleiding hoe modelkeuze, aliases en organisatie-instellingen samenhangen.

Stap 5: beoordeel je sandboxinstellingen

Gebruik je netwerkisolatie, bepaal dan of onbekende hosts om toestemming mogen vragen of direct moeten worden geweigerd. De nieuwe optie past bij een omgeving waarin alleen vooraf goedgekeurde netwerkbestemmingen bereikbaar mogen zijn.

Een gebruikersinstelling kan er zo uitzien:

{
  "sandbox": {
    "enabled": true,
    "network": {
      "allowedDomains": ["github.com", "registry.npmjs.org"],
      "strictAllowlist": true
    }
  }
}

Neem alleen domeinen op die je workflow werkelijk nodig heeft. Test daarna zowel een toegestaan als een niet-toegestaan verzoek. Lees voor de combinatie van permissions, sandboxing, secrets en MCP ook Claude Code veilig instellen.

Stap 6: controleer workflow- en subagentgedrag

Gebruik je dynamic workflows, open dan /config en controleer de rij voor workflowgrootte. Vanaf versie 2.1.219 is medium de standaardrichtlijn. Die instelling stuurt Claude in de richting van minder dan vijftien agents, maar vormt geen harde bovengrens.

Wil je een kleinere standaard, dan kun je dit instellen met:

/config workflowSizeGuideline=small

Controleer daarnaast of geneste subagents bij jouw taak passen. Wil je voorkomen dat een subagent zelf nieuwe subagents start, stel dan vóór het starten van Claude Code deze omgevingsvariabele in:

CLAUDE_CODE_MAX_SUBAGENT_SPAWN_DEPTH=1

Een bredere afweging tussen gewone subagents en een gecoördineerde workflow staat in dynamic workflows in Claude Code.

Stap 7: test de wijziging in een afgebakende repository

Probeer de bijgewerkte versie eerst op een taak met een controleerbare uitkomst:

  1. leg de toegestane bestanden en netwerkhosts vast;
  2. geef één duidelijke taak met acceptatiecriteria;
  3. laat de relevante tests en statische controles draaien;
  4. bekijk de volledige diff en de uitgevoerde commando's;
  5. controleer of subagents en tools binnen de bedoelde scope bleven.

Een succesvolle update bewijst alleen dat de nieuwe versie draait. Je moet nog steeds controleren of je projectinstellingen, permissions en automatiseringen het bedoelde gedrag hebben.

Claude Opus 5 in versie 2.1.219

Claude Code 2.1.219 voegde de model-ID claude-opus-5 toe. In de officiële modeldocumentatie staat dat Opus 5 minimaal deze Claude Code-versie nodig heeft. Een oudere installatie kan het model dus niet correct via de ingebouwde modelkeuze selecteren.

De term "standaard Opus-model" heeft een beperkte betekenis. De alias opus verwijst naar de aanbevolen Opus-versie voor je provider. De algemene optie default volgt het aanbevolen model voor je account of het model dat je organisatiebeheerder heeft ingesteld. Daardoor kan een sessie op een ander model starten, ook al ondersteunt je Claude Code-versie Opus 5.

Controleer het actieve model met /model en gebruik een volledige modelnaam alleen als je bewust een versie wilt vastzetten. Aliases kunnen later naar een nieuwere aanbevolen versie gaan.

Vanaf versie 2.1.219 kan de automatische modelfallback het actieve model tijdens een sessie veranderen. Op de Anthropic API wordt een verzoek aan Opus 5 dat door de veiligheidsclassificatie als cybersecurity wordt gemarkeerd standaard opnieuw uitgevoerd met Opus 4.8, mits automatisch omschakelen (switchModelsOnFlag) is ingeschakeld en Opus 4.8 volgens availableModels is toegestaan. Op Bedrock, Google Cloud's Agent Platform en Microsoft Foundry moet Claude Code beide provider-specifieke modellen herkennen; een ingestelde ANTHROPIC_DEFAULT_OPUS_MODEL kan daar een andere toegestane Opus-doelversie aanwijzen. Staat switchModelsOnFlag uit, dan pauzeert een interactieve sessie en kun je alsnog omschakelen of de prompt aanpassen en opnieuw proberen. In een niet-interactieve omgeving, of wanneer de fallback niet is toegestaan of herkenbaar, eindigt het gemarkeerde verzoek in een weigering en blijft het sessiemodel ongewijzigd. Een gemarkeerd biologieverzoek aan Opus 5 wordt altijd geweigerd zonder fallback. Alleen na een geslaagde omschakeling toont Claude Code een melding en gaat de sessie verder met het fallbackmodel. Controleer daarna opnieuw /model.

Twijfel je voor een taak tussen Opus en Sonnet, vergelijk dan Claude Opus 5 en Sonnet 5 per taak voordat je een model vastzet.

Strikte netwerkallowlist voor de sandbox

Zonder strict allowlist kan Claude Code bij een nieuw netwerkdomein om toestemming vragen. Met sandbox.network.strictAllowlist: true wordt een host buiten de allowlist voor gesandboxte commando's direct geweigerd.

De effectieve allowlist bestaat uit de ingestelde allowedDomains en toepasselijke toegestane WebFetch-domeinen. Als een beheerder allowManagedDomainsOnly gebruikt, gelden alleen de beheerde vermeldingen.

Let op drie grenzen:

  1. Alleen gesandboxte commando's: de instelling begrenst Bash-commando's en hun subprocessen binnen de sandbox. In-process tools zoals WebFetch volgen hun eigen permissieregels.
  2. Niet vanuit de repository afdwingbaar: Claude Code accepteert strictAllowlist uit gebruikersinstellingen, beheerde instellingen of een bestand dat via --settings wordt geladen. De optie heeft geen effect in .claude/settings.json of .claude/settings.local.json.
  3. Een allowlist is geen volledige veiligheidslaag: beperk ook bestandstoegang, bescherm secrets, controleer MCP-servers en houd onomkeerbare acties achter een expliciete goedkeuring.

De tweede grens is bewust belangrijk. Een gedownloade repository mag niet zelf afdwingen dat een bredere of onverwachte netwerkconfiguratie als vertrouwd wordt behandeld.

Dynamic workflows en geneste subagents

Claude Code kende al dynamic workflows, maar versie 2.1.219 veranderde de standaardgrootte en de manier waarop je die keuze beheert.

De nieuwe workflowSizeGuideline kan in een instellingenbestand staan. Als dat gebeurt, krijgt die waarde voorrang en verdwijnt de bijbehorende rij uit /config. De mogelijke richtlijnen zijn small, medium, large en unrestricted.

Voor medium streeft Claude naar minder dan vijftien agents. Dit is advies aan het model en geen uitvoeringslimiet. De afzonderlijke runtimebeperkingen blijven gelden en een opdracht kan om een andere schaal vragen. Beoordeel daarom de werkelijke run in /workflows in plaats van alleen de ingestelde richtlijn.

Versie 2.1.219 veranderde ook de standaarddiepte voor geneste subagents naar 3. Dit maakt een hiërarchische taakverdeling mogelijk, maar vergroot het aantal gelijktijdige beslissingen en de hoeveelheid context die je achteraf moet controleren. Beperk nesting wanneer de taak ook met een eenvoudige, vlakke verdeling kan worden uitgevoerd.

Verbeteringen voor hooks, MCP en stream-json

Een aantal veranderingen is vooral relevant als je Claude Code vanuit scripts, de Agent SDK of een eigen interface aanstuurt.

DirectoryAdded-hook

De nieuwe DirectoryAdded-hook wordt uitgevoerd nadat /add-dir of het SDK-verzoek register_repo_root tijdens een sessie een extra werkmap registreert. Daarmee kun je bijvoorbeeld controleren of voor een nieuw toegevoegde map aanvullende projectregels of controles nodig zijn.

Zichtbare MCP-configuratiefouten

Het init-event van headless stream-json bevat vanaf 2.1.219 mcp_server_errors. Daarin staan --mcp-config-items die door configuratievalidatie zijn overgeslagen. Een terminalsessie toont hiervoor een waarschuwing bij het opstarten.

Ook claude mcp list en /mcp tonen meer informatie wanneer een server niet kan verbinden, waaronder de HTTP-status en fouttekst. Claude Code waarschuwt bovendien voor verborgen spaties aan het begin of einde van MCP-configuratiewaarden.

Uitvoer van diepere subagents

Met --forward-subagent-text kon je al tekst van subagents in stream-json opnemen. Versie 2.1.219 breidt dit uit naar subagents op diepte 2 en verder. De berichten worden gekoppeld aan de Agent-toolcall die de betreffende subagent heeft gestart, zodat een eigen interface de afstamming kan reconstrueren.

Betrouwbaardere niet-interactieve uitvoer

Als een beurt in claude -p na gedeeltelijke uitvoer door een API-streamfout eindigt, blijft de reeds gemaakte tekst vanaf 2.1.219 behouden. Dit maakt een fout beter te onderzoeken, maar gedeeltelijke uitvoer blijft onvolledig. Laat een script daarom nog steeds de eindstatus controleren voordat het resultaat verder wordt verwerkt.

Wat versie 2.1.220 wel en niet zegt

De officiële changelog geeft voor versie 2.1.220 één algemene omschrijving: bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. Er staan geen foutnummers, componenten of platforms bij.

Gebruik daarom deze grenzen:

  • je kunt zeggen dat 2.1.220 op 25 juli 2026 is uitgebracht;
  • je kunt zeggen dat Anthropic bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen noemt;
  • je kunt niet zeggen welke concrete storing deze versie oplost;
  • je kunt niet garanderen dat een eigen probleem na de update verdwenen is;
  • je moet het bedoelde gedrag na de update opnieuw testen.

De uitgebreide functionele beschrijving in dit artikel hoort bij 2.1.219. Dat onderscheid voorkomt dat een korte onderhoudsrelease achteraf functies krijgt toegeschreven die een dag eerder zijn uitgebracht.

Veelgemaakte fouten

Concrete oplossingen aan 2.1.220 toeschrijven

Anthropic publiceert geen details over de fixes in 2.1.220. Noem alleen de algemene releaseomschrijving en test je eigen foutscenario opnieuw.

Aannemen dat Opus 5 automatisch actief is

Opus 5 is de nieuwe standaard binnen de Opus-familie, niet noodzakelijk het startmodel voor ieder account. Controleer /model en houd rekening met provider- en organisatie-instellingen.

Strict allowlist in repository-instellingen zetten

De optie heeft geen effect vanuit .claude/settings.json of .claude/settings.local.json. Gebruik gebruikersinstellingen, beheerde instellingen of --settings.

De medium workflowgrootte als harde limiet behandelen

De richtlijn stuurt op minder dan vijftien agents, maar is geen bovengrens. Controleer de werkelijke workflow en stel een kleinere richtlijn in als de taak overzichtelijk moet blijven.

Geneste subagents zonder afbakening gebruiken

Meer nesting kan onderzoek versnellen, maar maakt rechten, voortgang en verificatie moeilijker te volgen. Geef iedere agent een duidelijke scope en schakel diepere nesting uit als die geen concrete meerwaarde heeft.

Veelgestelde vragen

Wat is op 30 juli 2026 de nieuwste Claude Code-versie?

Claude Code 2.1.220 is de nieuwste versie die Anthropic op 25 juli 2026 in de officiële changelog vermeldt.

Wat is er nieuw in Claude Code 2.1.220?

Anthropic noemt alleen bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. De changelog specificeert niet welke onderdelen zijn aangepast.

Wat veranderde er inhoudelijk in Claude Code 2.1.219?

Versie 2.1.219 voegde onder meer Claude Opus 5, een strikte netwerkallowlist, nieuwe workflowinstellingen, betere MCP-diagnostiek en uitgebreidere ondersteuning voor geneste subagents toe.

Hoe controleer en update ik Claude Code?

Controleer je versie met claude --version. Gebruik bij een native installatie claude update en werk een installatie via Homebrew, WinGet of een Linux-pakketbeheerder met die pakketbeheerder bij.

Is Claude Opus 5 na de update automatisch actief?

Niet noodzakelijk. Opus 5 is vanaf versie 2.1.219 de nieuwe standaard binnen de Opus-modelfamilie, maar je actieve model hangt ook af van je account, provider en organisatie-instellingen. Controleer dit met /model.

Waar moet ik sandbox.network.strictAllowlist instellen?

Stel deze optie in via gebruikersinstellingen, beheerde instellingen of de vlag --settings. Claude Code negeert deze optie in .claude/settings.json en .claude/settings.local.json van een repository.

Is de medium workflowgrootte een limiet van vijftien agents?

Nee. Medium is een richtlijn waarmee Claude naar minder dan vijftien agents streeft. Het is geen harde bovengrens en de afzonderlijke runtimebeperkingen blijven gelden.

Kunnen subagents in Claude Code 2.1.219 zelf subagents starten?

Ja. Vanaf versie 2.1.219 kunnen subagents standaard andere subagents starten tot diepte 3. Stel CLAUDE_CODE_MAX_SUBAGENT_SPAWN_DEPTH=1 in om diepere nesting uit te schakelen.

Officiële bronnen

Laatst inhoudelijk gecontroleerd: 30 juli 2026.

Gerelateerde artikelen

Alles bekijken

Hulp nodig met jouw situatie?

Stuur kort wat je wilt bereiken, welke AI-tool je gebruikt en waar je vastloopt. Je krijgt dezelfde dag antwoord.