Naar inhoud
hulpbijai
Alle artikelen
ClaudeUitgever: Bouwmeester Consultancy

Claude Code 2.1.226 en 2.1.225: wat is nieuw? (2026)

Lees wat Claude Code 2.1.226 en 2.1.225 veranderen en controleer stap voor stap je versie, OAuth-token, workspace trust en sessiegedrag.

Claude Code 2.1.226 is op 8 augustus 2026 uitgebracht en is op 9 augustus de nieuwste versie in de officiële Anthropic-changelog. Anthropic noemt voor 2.1.226 alleen bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen; de concrete wijzigingen van deze releasedag staan bij versie 2.1.225.

Voor de keuze tussen Claude en andere werkomgevingen kun je de AI-assistenten en modelfamilies vergelijken. Deze pagina blijft daarna bij de versie- en configuratieverschillen binnen Claude Code.

In het kort

  • Claude Code 2.1.226 is op 9 augustus 2026 de nieuwste versie in de officiële changelog.
  • Anthropic beschrijft 2.1.226 alleen als een release met bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen.
  • Versie 2.1.225 bevat de concrete wijzigingen van 8 augustus.
  • claude agents vraagt vanaf 2.1.225 ook in een niet-vertrouwde map om workspace trust.
  • De release repareert onder meer fouten rond headless OAuth-tokens, MCP OAuth op macOS, cross-session berichten en Remote Control.
  • Gatewaywaarschuwingen kunnen vanaf 2.1.225 de spendlimiet, het resetmoment en de boodschap van de beheerder tonen, mits ook de gateway op 2.1.225 draait.
  • Versie 2.1.219 blijft de relevante functionele baseline voor Opus 5, de strikte netwerkallowlist en workflowinstellingen.

Wil je Claude Code nog installeren of eerst de basis leren? Begin dan bij de complete Claude Code-handleiding. Deze pagina behandelt de actuele versies 2.1.226 en 2.1.225 en bewaart 2.1.219 als functionele baseline.

Wat is er werkelijk nieuw?

Versie 2.1.226: onderhoudsrelease zonder details

Versie 2.1.226 verscheen op 8 augustus 2026. Anthropic vermeldt voor deze release alleen bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. De changelog noemt geen onderdelen, foutscenario's of platforms die specifiek zijn aangepast. Het is daarom niet verantwoord om concrete oplossingen aan deze versie toe te schrijven.

Versie 2.1.225: concrete wijzigingen van 8 augustus

De wijzigingen in 2.1.225 vallen praktisch in vijf groepen:

  • Gatewaygebruik: de waarschuwing voor een spendlimiet kan nu de limiet, het resetmoment en de boodschap van de gatewaybeheerder noemen. Anthropic vermeldt dat deze functie ook gatewayversie 2.1.225 vereist.
  • Vertrouwde werkmappen: claude agents toont in niet-vertrouwde mappen nu een workspace-trustprompt die aansluit op het gedrag van claude.
  • Authenticatie: een langlevend CLAUDE_CODE_OAUTH_TOKEN wordt niet meer door een tijdelijke 401 vervangen door het kortlevende token van een opgeslagen login. Op macOS is daarnaast een fout opgelost waarbij een trage keychain-read bij MCP OAuth een reeks 401-fouten kon veroorzaken.
  • Veilige automatische en cross-session workflows: een weigering van de veiligheidsfilter tijdens de eigen permissiecontrole telt niet meer mee voor de limiet van opeenvolgende blokkades. De actie blijft geweigerd. Berichten tussen sessies blijven in headless gebruik en tijdens het opstarten niet meer zonder melding of verloopmoment geparkeerd.
  • Remote Control en sessies: de release repareert onder meer hervatten na compactie, een verkeerde werkmap bij het starten vanuit de agentslijst, foutieve stuck-meldingen op het web en verschillende Remote Control-problemen. SendMessage kan bovendien een gesprek starten met een bij naam gekozen Remote Control-sessie op een andere machine.

Dit is geen volledige testgarantie voor deze onderdelen. De changelog beschrijft wat Anthropic heeft gewijzigd; controleer in je eigen omgeving of het relevante foutpad werkelijk is verdwenen.

Stappenplan: je installatie controleren en de update veilig gebruiken

Stap 1: controleer je huidige versie

Open een terminal en voer uit:

claude --version

Het antwoord bevat je geïnstalleerde versienummer. Met 2.1.225 heb je de concrete wijzigingen van 8 augustus; 2.1.226 voegt daar volgens de openbare changelog alleen niet nader gespecificeerde bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen aan toe. Gebruik je een versie ouder dan 2.1.219, dan ontbreken ook de oudere baselinefuncties rond Opus 5 en de strict allowlist.

Stap 2: bepaal hoe Claude Code is geïnstalleerd

Een native installatie controleert zelf op updates en kan direct worden bijgewerkt met:

claude update

Een installatie via Homebrew, WinGet, apt, dnf of apk wordt standaard via die pakketbeheerder bijgewerkt. Gebruik het updatecommando van je eigen pakketbeheerder en controleer daarna opnieuw de versie. Een pakketbeheerder kan een nieuwe release iets later aanbieden dan het latest-kanaal van de native installatie.

Stap 3: herstart en controleer opnieuw

Sluit actieve Claude Code-sessies nadat de update is geïnstalleerd. Start daarna een nieuwe terminalsessie en voer opnieuw claude --version uit. Zo voorkom je dat je nieuwe instellingen beoordeelt in een proces dat nog op de vorige versie draait.

Gebruik je bewust het stable-kanaal, dan kan je versie achterlopen op de nieuwste changelogrelease. Anthropic beschrijft stable als een kanaal dat doorgaans ongeveer een week achterloopt om releases met grote regressies over te slaan. Dat is geen fout in je installatie.

Stap 4: controleer headless authenticatie

Gebruik je CLAUDE_CODE_OAUTH_TOKEN, test dan in een nieuwe headless sessie of de beoogde authenticatiemethode actief blijft. Versie 2.1.225 repareert het specifieke pad waarbij een tijdelijke 401 het langlevende omgevingstoken kon vervangen door het kortlevende token van een opgeslagen login en headless sessies daarna tot een herstart niet meer werkten.

De fix bewijst niet dat ieder token geldig is of dat je organisatiebeleid toegang toestaat. Noteer alleen foutcodes en statusinformatie in logs; schrijf het token zelf nooit naar uitvoer. Gebruik je MCP OAuth op macOS, start dan ook een gekoppelde server opnieuw en controleer of authenticatie stabiel blijft wanneer de keychain-read vertraagt.

Stap 5: beoordeel workspace trust vóór je agents start

Start claude agents alleen in de bedoelde projectmap. Vanaf 2.1.225 verschijnt in een niet-vertrouwde map een trustprompt, net zoals bij claude. Controleer de volledige mapnaam en de projectregels voordat je vertrouwt; de aanwezigheid van een prompt maakt de inhoud van een repository niet automatisch veilig.

Stap 6: test alleen de sessiefuncties die je gebruikt

Werk je via een gateway, controleer dan of zowel Claude Code als de gateway op de vereiste versie staan en of de spendlimietmelding de verwachte limiet, resetinformatie en beheerdersboodschap toont.

Gebruik je Remote Control of berichten tussen sessies, test dan één afgebakend scenario met herkenbare sessienamen. Controleer de doelmachine en de sessiereferentie uit ListAgents voordat SendMessage een nieuw gesprek start. Bevestig bij headless gebruik ook dat een niet-afgeleverd bericht zichtbaar wordt gemeld of verloopt in plaats van stil te blijven wachten.

Stap 7: controleer het actieve model en de oudere baseline

Start Claude Code en open:

/model

Versie 2.1.219 voegt Claude Opus 5 toe als de nieuwe standaard binnen de Opus-modelfamilie. Dat betekent niet dat iedere gebruiker automatisch op Opus 5 start. Je accounttype, API-provider, organisatiebeleid en een eerder opgeslagen modelkeuze kunnen bepalen welk model werkelijk actief is.

Kies daarom niet op basis van de releasenaam alleen. Controleer de modelkiezer en lees in de Claude Code-handleiding hoe modelkeuze, aliases en organisatie-instellingen samenhangen.

Stap 8: beoordeel je sandboxinstellingen

Gebruik je netwerkisolatie, bepaal dan of onbekende hosts om toestemming mogen vragen of direct moeten worden geweigerd. De nieuwe optie past bij een omgeving waarin alleen vooraf goedgekeurde netwerkbestemmingen bereikbaar mogen zijn.

Een gebruikersinstelling kan er zo uitzien:

{
  "sandbox": {
    "enabled": true,
    "network": {
      "allowedDomains": ["github.com", "registry.npmjs.org"],
      "strictAllowlist": true
    }
  }
}

Neem alleen domeinen op die je workflow werkelijk nodig heeft. Test daarna zowel een toegestaan als een niet-toegestaan verzoek. Lees voor de combinatie van permissions, sandboxing, secrets en MCP ook Claude Code veilig instellen.

Stap 9: controleer workflow- en subagentgedrag

Gebruik je dynamic workflows, open dan /config en controleer de rij voor workflowgrootte. Vanaf versie 2.1.219 is medium de standaardrichtlijn. Die instelling stuurt Claude in de richting van minder dan vijftien agents, maar vormt geen harde bovengrens.

Wil je een kleinere standaard, dan kun je dit instellen met:

/config workflowSizeGuideline=small

Controleer daarnaast of geneste subagents bij jouw taak passen. Wil je voorkomen dat een subagent zelf nieuwe subagents start, stel dan vóór het starten van Claude Code deze omgevingsvariabele in:

CLAUDE_CODE_MAX_SUBAGENT_SPAWN_DEPTH=1

Een bredere afweging tussen gewone subagents en een gecoördineerde workflow staat in dynamic workflows in Claude Code.

Stap 10: test de wijziging in een afgebakende repository

Probeer de bijgewerkte versie eerst op een taak met een controleerbare uitkomst:

  1. leg de toegestane bestanden en netwerkhosts vast;
  2. geef één duidelijke taak met acceptatiecriteria;
  3. laat de relevante tests en statische controles draaien;
  4. bekijk de volledige diff en de uitgevoerde commando's;
  5. controleer of subagents en tools binnen de bedoelde scope bleven.

Een succesvolle update bewijst alleen dat de nieuwe versie draait. Je moet nog steeds controleren of je projectinstellingen, permissions en automatiseringen het bedoelde gedrag hebben.

Claude Opus 5 in versie 2.1.219

Claude Code 2.1.219 voegde de model-ID claude-opus-5 toe. In de officiële modeldocumentatie staat dat Opus 5 minimaal deze Claude Code-versie nodig heeft. Een oudere installatie kan het model dus niet correct via de ingebouwde modelkeuze selecteren.

De term "standaard Opus-model" heeft een beperkte betekenis. De alias opus verwijst naar de aanbevolen Opus-versie voor je provider. De algemene optie default volgt het aanbevolen model voor je account of het model dat je organisatiebeheerder heeft ingesteld. Daardoor kan een sessie op een ander model starten, ook al ondersteunt je Claude Code-versie Opus 5.

Controleer het actieve model met /model en gebruik een volledige modelnaam alleen als je bewust een versie wilt vastzetten. Aliases kunnen later naar een nieuwere aanbevolen versie gaan.

Vanaf versie 2.1.219 kan de automatische modelfallback het actieve model tijdens een sessie veranderen. Op de Anthropic API wordt een verzoek aan Opus 5 dat door de veiligheidsclassificatie als cybersecurity wordt gemarkeerd standaard opnieuw uitgevoerd met Opus 4.8, mits automatisch omschakelen (switchModelsOnFlag) is ingeschakeld en Opus 4.8 volgens availableModels is toegestaan. Op Bedrock, Google Cloud's Agent Platform en Microsoft Foundry moet Claude Code beide provider-specifieke modellen herkennen; een ingestelde ANTHROPIC_DEFAULT_OPUS_MODEL kan daar een andere toegestane Opus-doelversie aanwijzen. Staat switchModelsOnFlag uit, dan pauzeert een interactieve sessie en kun je alsnog omschakelen of de prompt aanpassen en opnieuw proberen. In een niet-interactieve omgeving, of wanneer de fallback niet is toegestaan of herkenbaar, eindigt het gemarkeerde verzoek in een weigering en blijft het sessiemodel ongewijzigd. Een gemarkeerd biologieverzoek aan Opus 5 wordt altijd geweigerd zonder fallback. Alleen na een geslaagde omschakeling toont Claude Code een melding en gaat de sessie verder met het fallbackmodel. Controleer daarna opnieuw /model.

Twijfel je voor een taak tussen Opus en Sonnet, vergelijk dan Claude Opus 5 en Sonnet 5 per taak voordat je een model vastzet.

Strikte netwerkallowlist voor de sandbox

Zonder strict allowlist kan Claude Code bij een nieuw netwerkdomein om toestemming vragen. Met sandbox.network.strictAllowlist: true wordt een host buiten de allowlist voor gesandboxte commando's direct geweigerd.

De effectieve allowlist bestaat uit de ingestelde allowedDomains en toepasselijke toegestane WebFetch-domeinen. Als een beheerder allowManagedDomainsOnly gebruikt, gelden alleen de beheerde vermeldingen.

Let op drie grenzen:

  1. Alleen gesandboxte commando's: de instelling begrenst Bash-commando's en hun subprocessen binnen de sandbox. In-process tools zoals WebFetch volgen hun eigen permissieregels.
  2. Niet vanuit de repository afdwingbaar: Claude Code accepteert strictAllowlist uit gebruikersinstellingen, beheerde instellingen of een bestand dat via --settings wordt geladen. De optie heeft geen effect in .claude/settings.json of .claude/settings.local.json.
  3. Een allowlist is geen volledige veiligheidslaag: beperk ook bestandstoegang, bescherm secrets, controleer MCP-servers en houd onomkeerbare acties achter een expliciete goedkeuring.

De tweede grens is bewust belangrijk. Een gedownloade repository mag niet zelf afdwingen dat een bredere of onverwachte netwerkconfiguratie als vertrouwd wordt behandeld.

Dynamic workflows en geneste subagents

Claude Code kende al dynamic workflows, maar versie 2.1.219 veranderde de standaardgrootte en de manier waarop je die keuze beheert.

De nieuwe workflowSizeGuideline kan in een instellingenbestand staan. Als dat gebeurt, krijgt die waarde voorrang en verdwijnt de bijbehorende rij uit /config. De mogelijke richtlijnen zijn small, medium, large en unrestricted.

Voor medium streeft Claude naar minder dan vijftien agents. Dit is advies aan het model en geen uitvoeringslimiet. De afzonderlijke runtimebeperkingen blijven gelden en een opdracht kan om een andere schaal vragen. Beoordeel daarom de werkelijke run in /workflows in plaats van alleen de ingestelde richtlijn.

Versie 2.1.219 veranderde ook de standaarddiepte voor geneste subagents naar 3. Dit maakt een hiërarchische taakverdeling mogelijk, maar vergroot het aantal gelijktijdige beslissingen en de hoeveelheid context die je achteraf moet controleren. Beperk nesting wanneer de taak ook met een eenvoudige, vlakke verdeling kan worden uitgevoerd.

Verbeteringen voor hooks, MCP en stream-json

Een aantal veranderingen is vooral relevant als je Claude Code vanuit scripts, de Agent SDK of een eigen interface aanstuurt.

DirectoryAdded-hook

De nieuwe DirectoryAdded-hook wordt uitgevoerd nadat /add-dir of het SDK-verzoek register_repo_root tijdens een sessie een extra werkmap registreert. Daarmee kun je bijvoorbeeld controleren of voor een nieuw toegevoegde map aanvullende projectregels of controles nodig zijn.

Zichtbare MCP-configuratiefouten

Het init-event van headless stream-json bevat vanaf 2.1.219 mcp_server_errors. Daarin staan --mcp-config-items die door configuratievalidatie zijn overgeslagen. Een terminalsessie toont hiervoor een waarschuwing bij het opstarten.

Ook claude mcp list en /mcp tonen meer informatie wanneer een server niet kan verbinden, waaronder de HTTP-status en fouttekst. Claude Code waarschuwt bovendien voor verborgen spaties aan het begin of einde van MCP-configuratiewaarden.

Uitvoer van diepere subagents

Met --forward-subagent-text kon je al tekst van subagents in stream-json opnemen. Versie 2.1.219 breidt dit uit naar subagents op diepte 2 en verder. De berichten worden gekoppeld aan de Agent-toolcall die de betreffende subagent heeft gestart, zodat een eigen interface de afstamming kan reconstrueren.

Betrouwbaardere niet-interactieve uitvoer

Als een beurt in claude -p na gedeeltelijke uitvoer door een API-streamfout eindigt, blijft de reeds gemaakte tekst vanaf 2.1.219 behouden. Dit maakt een fout beter te onderzoeken, maar gedeeltelijke uitvoer blijft onvolledig. Laat een script daarom nog steeds de eindstatus controleren voordat het resultaat verder wordt verwerkt.

Wat versie 2.1.226 wel en niet zegt

De officiële changelog geeft voor versie 2.1.226 één algemene omschrijving: bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. Er staan geen foutnummers, componenten of platforms bij.

Gebruik daarom deze grenzen:

  • je kunt zeggen dat 2.1.226 op 8 augustus 2026 is uitgebracht;
  • je kunt zeggen dat Anthropic bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen noemt;
  • je kunt niet zeggen welke concrete storing deze versie oplost;
  • je kunt niet garanderen dat een eigen probleem na de update verdwenen is;
  • je moet het bedoelde gedrag na de update opnieuw testen.

De concrete beschrijving bovenaan dit artikel hoort bij 2.1.225. De uitleg over Opus 5, de strict allowlist en dynamic workflows blijft duidelijk gelabeld als baseline uit 2.1.219. Dat onderscheid voorkomt dat een korte onderhoudsrelease achteraf functies krijgt toegeschreven die in andere versies zijn uitgebracht.

Veelgemaakte fouten

Concrete oplossingen aan 2.1.226 toeschrijven

Anthropic publiceert geen details over de fixes in 2.1.226. Noem alleen de algemene releaseomschrijving en test je eigen foutscenario opnieuw. Schrijf de concrete lijst uit 2.1.225 niet alsnog aan 2.1.226 toe.

Een OAuth-fix als bewijs voor een goede tokenconfiguratie behandelen

Versie 2.1.225 repareert één specifiek overschrijvingspad. Een verlopen, ingetrokken of verkeerd begrensd token blijft onbruikbaar. Controleer de authenticatiestatus zonder het token zelf te loggen.

Workspace trust geven zonder de map te controleren

De nieuwe prompt in claude agents is een beslismoment, geen veiligheidsoordeel. Controleer eerst de projectmap, instructiebestanden en gekoppelde tools.

Aannemen dat Opus 5 automatisch actief is

Opus 5 is de nieuwe standaard binnen de Opus-familie, niet noodzakelijk het startmodel voor ieder account. Controleer /model en houd rekening met provider- en organisatie-instellingen.

Strict allowlist in repository-instellingen zetten

De optie heeft geen effect vanuit .claude/settings.json of .claude/settings.local.json. Gebruik gebruikersinstellingen, beheerde instellingen of --settings.

De medium workflowgrootte als harde limiet behandelen

De richtlijn stuurt op minder dan vijftien agents, maar is geen bovengrens. Controleer de werkelijke workflow en stel een kleinere richtlijn in als de taak overzichtelijk moet blijven.

Geneste subagents zonder afbakening gebruiken

Meer nesting kan onderzoek versnellen, maar maakt rechten, voortgang en verificatie moeilijker te volgen. Geef iedere agent een duidelijke scope en schakel diepere nesting uit als die geen concrete meerwaarde heeft.

Veelgestelde vragen

Wat is op 9 augustus 2026 de nieuwste Claude Code-versie?

Claude Code 2.1.226 is de nieuwste versie die Anthropic op 8 augustus 2026 in de officiële changelog vermeldt.

Wat is er nieuw in Claude Code 2.1.226?

Anthropic noemt alleen bugfixes en betrouwbaarheidsverbeteringen. De changelog specificeert niet welke onderdelen zijn aangepast.

Wat veranderde er inhoudelijk in Claude Code 2.1.225?

Versie 2.1.225 voegde onder meer gateway-spendlimietmeldingen en workspace trust voor claude agents toe en repareerde fouten rond OAuth, Remote Control en sessieberichten.

Hoe controleer en update ik Claude Code?

Controleer je versie met claude --version. Gebruik bij een native installatie claude update en werk een installatie via Homebrew, WinGet of een Linux-pakketbeheerder met die pakketbeheerder bij.

Wat veranderde er voor CLAUDE_CODE_OAUTH_TOKEN?

Versie 2.1.225 repareerde een fout waarbij een tijdelijke 401 een langlevend CLAUDE_CODE_OAUTH_TOKEN kon vervangen door een kortlevend token uit een opgeslagen login.

Vraagt claude agents nu om workspace trust?

Ja. Vanaf versie 2.1.225 toont claude agents in een niet-vertrouwde map een workspace-trustprompt, zoals het gewone claude-commando dat al doet.

Wat toont de nieuwe gateway-spendlimietmelding?

De waarschuwing kan de limiet, het resetmoment en de boodschap van de gatewaybeheerder tonen. Volgens de changelog vereist dit ook gatewayversie 2.1.225.

Welke onderdelen moet ik na 2.1.225 zelf opnieuw testen?

Test vooral de paden die je werkelijk gebruikt, zoals headless authenticatie, MCP OAuth op macOS, workspace trust, Remote Control, cross-session berichten en gatewaywaarschuwingen.

Officiële bronnen

Laatst inhoudelijk gecontroleerd: 9 augustus 2026.

Gerelateerde artikelen

Alles bekijken

Hulp nodig met jouw situatie?

Stuur kort wat je wilt bereiken, welke AI-tool je gebruikt en waar je vastloopt. Je krijgt dezelfde dag antwoord.